Impressies van een prachttoernooi in Götzis (2)

9 juni 2026

door Kees Sluys

Er valt nog wel meer te vertellen dan de strijd om de ereplaatsen en het wedervaren van onze vaderlandse favorieten. Hoe was het bijvoorbeeld gesteld met Saga Vanninen, in onze voorbeschouwing met een pr van 6563 punten aangekondigd als een serieuze kandidate voor het podium. Vrijdagochtend na de persconferentie, met coach Erki Nool op de baan, had ze er nog zin in maar tijdens de wedstrijd liep het allemaal niet zo lekker. Horden in 13.80, hoog 1.77, kogel 13.64 en 24.94 op de 200 meter brachten haar op een zwaar tegenvallende 15e plek in de tussenstand. En na 6.05 bij ver hield het Finse talent het voor gezien. Ze hing nog wel op de baan rond, voornamelijk om haar jeugdige landgenote Enni Virjonen (19) te steunen, die na een regelmatige zevenkamp met 6189 punten een pr scoorde, 13e in het klassement werd en daarmee Rookie of the Year. Toen na afloop van de 800 meter de gezamenlijke ereronde van de vrouwen op het punt van beginnen stond, probeerde de Nieuw-Zeelandse Maddie Wilson (met 1.83 eerste bij hoogspringen) Vanninen nog over te halen om ook mee te paraderen. Tevergeefs.

En dan die andere favoriete, Taliyah Brooks. Ze sprong wederom in het oog door haar afwijkende kapsel (nu eens niet krullend-wijd, maar in een strakke knot) en door tijdens de atletenpresentatie op vrijdagavond te verschijnen in minirok plus elegant tasje aan de arm. Na een goede eerste dag, die ze als derde afsloot, raakte ze na een ongelukkige landing bij het verspringen geblesseerd en verliet ze de strijd.

 

De Duitsers

De Duitse vrouwen deden het deze editie vooral goed in de breedte. Sophie Weissenberg vierde met een pr van 6449 punten, Vanessa Grimm zesde met een pr van 6381 en Sandrina Sprengel achtste met 6328 punten. Maar ook Marie Dehning (6180) en de 20-jarige debutante Emma Kaul (6104) scoorden pr’s. Beide vrouwen blonken uit bij speerwerpen, respectievelijk 56.33 en 50.25. Kennelijk zit het in de familie. Immers: Dehnings broer Max kwam in 2024 al eens tot 90.20 meter! En Emma’s broer Niklas Kaul (derde in de eindstand met 8528 punten) kennen we als verreweg de beste speerwerper onder de tienkampers. Ook nu bracht hij het publiek met een worp van 78.21 tot grote geestdrift en uitzinnig applaus. Maar weer slaagde hij niet in zijn vurige wens om z’n pr van 8691 punten uit 2019, toen hij als 21-jarige in Doha de wereldtitel greep, te verbeteren. Intussen werkte hij een behoorlijk solide achtkamp af: kogel 15.21, hoog 2.00, 400 m 48.42, 110h 14.51, discus 47.14, polshoog 4.90, speer 78.21 en 1500 meter 4.23.67. Maar ja … die 100 meter in 11.30 en het verspringen met 7.09 meter. Kennelijk zijn z’n ouders-coaches Michael en Stefanie niet bij machte geweest daar na al die jaren ook maar enige verbetering in aan te brengen. En je vraagt je af of een nieuwe trainer hier mogelijk soelaas had kunnen bieden. Laten we maar weer eens aan het rekenen slaan: 0.30 progressie op de 100 meter (11.00) en 31 centimeter bij ver (7.40) zou al 141 punten extra opleveren. Waarmee Kauls totaal hier op 8669 punten zou zijn uitgekomen, in de buurt dus van zijn pr.

  

De opvolger?

Rookie of the Year bij de mannen werd Tomas Järvinen. De bleek-rossige Tsjech die in oktober 21 jaar wordt, kwam met een voortreffelijke zevende plaats en een prachttotaal van 8400 punten bijzonder goed voor de dag. Kogelstoten viel uit de toon, maar verder was het een tienkamp van hoopvolle, vertrouwenwekkende regelmaat: 10.60, 7.48, 12.88, 2.09, 47.69, 14.18, 43.76, 4.90, 62.20 en 4.35.82. Hebben we hier de spoedige opvolger van het illustere trio Zmelik, Dvorak en Sebrle aan het werk gezien?

 

Op de foto vierde van rechts (plaats 7) staat Tomas Järvinen al tussen de grote mannen