Atletiekzaakjes

door Kees Sluys

- Dat het niet goed gaat met het Jamaicaanse mannensprinten hebben we dit jaar nog eens kunnen zien. Geen olympische 100 meter-finalist, een zevende plaats voor Rasheed Dwyer op de 200 meter en een vijfde plaats voor de estafetteploeg. Een blik op de wereldranglijst van 2021 leert dat oudgediende Yohan Blake op de 100 meter de kar trekt met een gedeelde 15e plaats (9.95), waarna de 28-jarige Tyquendo Tracey (10.00) op een gedeelde 25ste plek volgt en die andere oudgediende Julian Forte met 10.03 een gedeelde 35ste plaats inneemt.
Regerend wereldkampioen verspringen (8.69) Tajay Gayle trekt zich de toestand aan. Op twitter liet hij weten: ‘Nou, het is officieel. Volgend seizoen loop ik de 100 meter.’ En: ‘Ik wilde dit de sprinters eigenlijk niet aandoen, maar... wens me geluk.’
Carl Lewis ziet het wel zitten. ‘Maar denk eraan,’ liet hij weten, ‘om op twee onderdelen te excelleren moet je eerst onderdeel 1 domineren.’ Net zoals hij dat zelf deed.
We kijken er naar uit. Al kan het nog een hele klus worden. Gayles pr staat op 10.18, waarmee hij als gedeeld nummer 124 op de ranglijst prijkt.

- De Jamaicaanse vrouwen doen het daarentegen nog steeds fantastisch. Vier bij de beste zeven op de jaarranglijst. Ook de Zwitserse atletes doen het goed. Del Ponte met 10.90 op nummer 11 en Kambundji met 10.94 op plaats 15. Laurent Meuwly liet onlangs weten dat hij komend seizoen een 10.85 van Del Ponte verwacht.

- In de jongste uitgave van De Vriendenband (oktober 2021), het mededelingenblad van de Vereniging Vrienden van de Atletiek, besteedt Guus Mater aandacht aan de oranje-successen in Tokio. Hij signaleert voorzichtig (immers: natuurlijk alle lof voor zilveren Anouk en bronzen Emma) maar terecht dat het niveau van de zevenkamp niet zeer hoog lag. Ook bekritiseerde hij met recht de minimale aandacht in de geschreven media voor de fabelachtige 9000-puntentienkamp van Damian Warner.
Ach ja, de kranten; de echte liefhebber haalt inmiddels de schouders op. En kijkt al weer uit naar volgend jaar, naar het WK in Eugene. Daar, in het vernieuwde stadion van ‘Track Town USA’, zal zich naar verwachting een ongekende strijd ontvouwen. Bij leven en welzijn zullen er naast olympisch kampioen Warner, wereldrecordhouder Kevin Mayer en wereldkampioen Niklas Kaul nog een paar mannen voor vuurwerk zorgen. Zoals de jeugdige bronzenmedaillewinnaar Ashley Moloney, Warners steeds beter wordende landgenoot Pierce Lepage en natuurlijk Garrett Scantling, die in Tokio met 8611 punten als vierde eindigde. De Amerikaan zal, voor eigen publiek, zeker naar een score van 8700 à 8800 punten proberen te reiken.

- Het niet al te hoge niveau van de zevenkamp in Tokio had natuurlijk ook te maken met het teleurstellende optreden van Katharina Johnson-Thompson. Tijdens de 200 meter raakte ze geblesseerd en staakte de strijd. Inmiddels is bekend geworden dat de Britse haar geluk in de VS gaat beproeven. Haar nieuwe coach wordt Petros Kyprianou, die ook Garrett Scantling onder zijn hoede heeft.

- KNAU-limieten zijn nog niet bekend, maar met een internationale eis van 8350 punten kan het wel eens lastig worden om een vaderlandse vertegenwoordiger bij het WK aan het werk te zien. Pieter Braun zou er, mits fit, toe in staat moeten zijn. Voor Rik Taam (pr 8107) en Sven Roosen (pr 8056) is er nog een weg te gaan. Misschien kunnen zij zich beter richten op München, waar drie weken na Eugene het EK van start gaat.
Ook wat München betreft heeft de KNAU nog niets laten horen, maar het lijkt aannemelijk dat de eis in de buurt ligt van de internationale limiet van 8100 punten. Die score moet voor de drie genoemden zeker haalbaar zijn. En mogelijk komt ook Rafaël Raap (hoe vordert zijn herstel?) in aanmerking. 

- Limieten voor de marathon-atleten – ik beperk me even tot de mannen – zijn al wel bekend. Onlangs lieten Frank Futselaar en Bjørn Koreman zich teleurgesteld uit over de 2.10.00 die de Atletiekunie voor het WK in Eugene vraagt, terwijl de internationale limiet op 2.11.30 staat.
Maar is die 2.10.00 zo gek? Kijken we naar de ranglijst van 2021, dan zien we met 2.10.01 Stephen Mokoka uit Zuid-Afrika op plaats 167.
Michel Butter vond de eis, het nieuwe snelle schoeisel indachtig, niet zo vreemd. En concludeerde dat de marathonners zich beter zouden kunnen richten op het EK. Waarvoor een tijd van 2.12.30 volstaat. Dat scheelt al weer een flinke slok op een borrel.

- Hoe anders is het gesteld met de technische nummers. EK-limieten van 8.10 bij ver, 16.95 bij hinkstapspringen, 65.20 bij discus, 84.00 bij speer. Dat gaat niet één atleet lukken.
Je zou zeggen: de marathonlopers hebben wat betreft het EK inderdaad weinig reden tot klagen.
Al zegt het beslist ook iets over de weinig florissante stand van zaken op de meeste spring- en werpnummers hier te lande.