Home » Techniek » 28 sept Innovaties in de atletiek?

door Piet Mosch

Innovaties in de atletiek?

Enkele jaren geleden was ik in een stadion waar het hinkstapspringen meer dan een half uur stil lag omdat de afzetbalk niet goed in de baan gelegd kon worden. Om concreet te zijn: het gebeurde in 2016 tijdens het EK atletiek in Amsterdam. Paniekgedrag bij de organisatie en ongeduld bij het publiek. Erger nog, de sporters waren de dupe.
Dat heeft mij aan het denken gezet. Wat je bij hinkstapspringen en ook verspringen ziet is dat er een grote batterij aan mensen en middelen nodig is om het onderdeel te begeleiden. En dan nog stokt het regelmatig omdat de afzetstrook niet tijdig kan worden vervangen of de jury veel tijd nodig heeft om de afzetstrook te beoordelen. Daar komt nog het volgende bij. Iedereen denkt dat bij wedstrijden diegene wint die de verste sprong heeft gemaakt. Dat blijkt helaas niet altijd zo te zijn.
Tegenwoordig wordt steeds meer techniek ingezet. Dat zie je bij het meten (het meetlint is gelukkig al lang verleden tijd), maar je ziet het ook bij het weergeven van de afstand tussen de afzetvoet en de afzetstrook. Degene die de hoogste waarde heeft bij het optellen van beide metingen heeft de verste sprong gemaakt en zou tot winnaar uitgeroepen dienen te worden. Of het zou diegene moeten zijn die een hele verre sprong gemaakt heeft, maar net te ver op de balk afzette waardoor de sprong werd afgekeurd.   
Vroeger was er niet veel mogelijk, vandaar de wat archaïsche wijze van beoordelen. Tegenwoordig kan er veel. Techniek kan worden ingezet om de afstand te meten tussen de voet en het landingspunt en, voilà, daarmee kunnen we de echte winnaar aanwijzen. Ik heb begrepen dat bij de vroegste jeugd dit principe vaak al wordt toegepast. Het is niet moeilijk om te bedenken hoeveel frustratie dit bij de sporters gaat schelen. Ik heb al vaak meerkampers gezien die na twee foutsprongen de derde sprong ‘veilig’ benaderen en daardoor met een fors lager puntentotaal verder moeten dan nodig. En net zo vaak springers die heel ver springen, maar net enkele millimeters te ver afzetten.Natuurlijk heeft deze nieuwe wijze van meten veel impact. Records moeten opnieuw worden gevestigd, oud-sporters moeten het doen met wat ze hebben bereikt en wellicht zou Mike Powell de negen meter al overschreden hebben. We zullen het nooit exact weten.
Op internet is een filmpje te zien waarin de organisatie van deze WK belooft dat digitale techniek de beleving van de wedstrijden tot grote hoogte zal brengen. Ik ben benieuwd. Ik hoop die innovatie dan bij de afsluitende 1500 meter van de tienkamp en de 800 meter van de zevenkamp te zien. Alle data zijn beschikbaar om tijdens de race op het scherm de lopers te laten zien met daarbij hun virtuele plaats in de einduitslag en de verschillen. Ook de atleten zelf kunnen dat zien en kunnen dit onderdeel vervolgens op dezelfde wijze benaderen als langeafstanders bijvoorbeeld doen tijdens een vijf kilometer. Daarmee ondersteun je het wedstrijdelement van de sporters en het inzicht en zeker de spanning bij de toeschouwers. Om nog maar niet te spreken van de sportcommentatoren die nu gedwongen zijn om er af en toe een slag naar te slaan en de toeschouwers in vertwijfeling brengen.

Vanavond om 19.40 begint de finale van het verspringen mannen. Met als grote favoriet de jeugdige Cubaan Juan Miguel Ecchevarría. Is hij die man die Mike Powells 8.95 ooit uit de boeken springt?